Blog/Engels gesprek voeren: zinnen voor alledaagse situaties
Engels gesprek voeren: zinnen voor alledaagse situaties

Auteur: Vocab Team

Laatst bijgewerkt:

Engels gesprek voeren: zinnen voor alledaagse situaties

Begin met echte Engelse woordenschat met Vocab

Gratis te downloaden. Leer sneller met spaced repetition, themalijsten en uitspraak van moedertaalsprekers - en houd vast wat je leert.

Een Engels gesprek voeren als beginner

Je hoeft niet ieder woord te kennen om een gesprek in het Engels te voeren. Voor veel dagelijkse situaties is een eenvoudige volgorde genoeg: begroet iemand, reageer kort, stel een vraag en vraag om verduidelijking als je iets niet begrijpt. In deze les leer je zinnen voor gewone gesprekken, winkels, restaurants, de weg vragen en een eenvoudig sollicitatiegesprek.

Begin vriendelijk en stel jezelf voor

Hi en Hey zijn informeel, bijvoorbeeld bij vrienden of leeftijdgenoten. Hello is een veilige keuze bij onbekenden. Good morning, Good afternoon en Good evening zijn beleefd en iets formeler.
  • Hello, nice to meet you. - Hallo, leuk je te ontmoeten.
  • Hi, I'm Noor. What's your name? - Hoi, ik ben Noor. Hoe heet jij?
  • How are you? - Hoe gaat het met je?
  • I'm well, thank you. And you? - Goed, dank je. En met jou?
  • I'm doing fine. - Het gaat goed met me.
Als iemand vraagt How are you?, is een kort antwoord meestal genoeg. Stel daarna dezelfde vraag terug.
Jij: Hello, I'm Daniel. Nice to meet you.
Ander: Hi, I'm Eva. Nice to meet you too. How are you?
Jij: I'm well, thank you. And you?
Dit betekent: jij stelt je voor, Eva doet hetzelfde en vraagt hoe het met je gaat. Je antwoordt beleefd en vraagt het terug.
What's up? betekent ongeveer "Hoe gaat het?" of "Wat is er?" Gebruik het vooral informeel. Een passend antwoord is Not much, how about you? - Niet veel, en met jou?

Houd het gesprek gaande

Een vraag waarop de ander meer dan ja of nee kan antwoorden, helpt om het gesprek voort te zetten. Luister naar een woord uit het antwoord en stel daar een vervolgvraag over.
  • What do you do? - Wat voor werk doe je?
  • What are you studying? - Wat studeer je?
  • What do you like to do in your free time? - Wat doe je graag in je vrije tijd?
  • How was your weekend? - Hoe was je weekend?
  • Do you have any plans for the weekend? - Heb je plannen voor het weekend?
  • What brings you here? - Wat brengt je hier?
Met korte reacties laat je merken dat je luistert:
  • That sounds great. - Dat klinkt leuk.
  • Really? Tell me more. - Echt? Vertel eens meer.
  • Me too. - Ik ook.
  • I see. - Ik begrijp het.
Jij: What do you like to do in your free time?
Ander: I like cooking and watching films.
Jij: That sounds great. What kind of films do you like?
Hier vraag je eerst naar iemands vrije tijd. Daarna reageer je positief en vraag je door naar films.
Veilige onderwerpen voor een kort gesprek zijn werk, studie, hobby's, het weekend of de omgeving.
  • It's busy here today, isn't it? - Het is hier druk vandaag, hè?
  • Have you been here before? - Ben je hier eerder geweest?
  • Do you live near here? - Woon je hier in de buurt?

Handige zinnen in dagelijkse situaties

In een winkel

Spreek een medewerker beleefd aan met Excuse me.
  • Excuse me, could you help me, please? - Pardon, kunt u mij helpen?
  • Where can I find the milk? - Waar kan ik de melk vinden?
  • How much is this? - Hoeveel kost dit?
  • Do you have this in a larger size? - Heeft u dit in een grotere maat?
  • Can I try this on? - Mag ik dit passen?
  • Can I pay by card? - Kan ik met kaart betalen?
Jij: Excuse me, where can I find the bread?
Medewerker: It's at the back of the store.
Jij: Thank you.
De medewerker zegt dat het brood achter in de winkel ligt.

In een restaurant of café

Bij bestellen klinkt I'd like vriendelijker dan alleen de naam van een gerecht noemen.
  • A table for two, please. - Een tafel voor twee, alstublieft.
  • Could I see the menu, please? - Mag ik de menukaart zien?
  • I'd like the pasta, please. - Ik wil graag de pasta, alstublieft.
  • What would you recommend? - Wat raadt u aan?
  • Could we have the bill, please? - Mogen we de rekening, alstublieft?
Medewerker: Are you ready to order?
Jij: Yes, I'd like the soup and a glass of water, please.
De vraag is of je klaar bent om te bestellen. Je antwoordt dat je graag soep en een glas water wilt.

De weg vragen

Noem de plaats die je zoekt en vraag daarna eventueel of deze ver weg is.
  • I'm looking for the train station. - Ik zoek het treinstation.
  • How do I get to the museum? - Hoe kom ik bij het museum?
  • Is it far from here? - Is het ver van hier?
  • Go straight ahead. - Ga rechtdoor.
  • Turn left at the traffic lights. - Sla linksaf bij de verkeerslichten.
  • It's on your right. - Het is aan je rechterkant.

Als je iets niet begrijpt

Je hoeft niet te doen alsof je alles begrijpt. Om herhaling of uitleg vragen is normaal en maakt een gesprek duidelijker.
  • I'm sorry, I don't understand. - Sorry, ik begrijp het niet.
  • Could you repeat that, please? - Kunt u dat herhalen, alstublieft?
  • Could you speak more slowly, please? - Kunt u langzamer spreken, alstublieft?
  • What does that word mean? - Wat betekent dat woord?
  • Do you mean ...? - Bedoelt u ...?
Ander: The meeting has been moved to Thursday.
Jij: I'm sorry, could you repeat that more slowly, please?
De ander zegt dat de vergadering naar donderdag is verplaatst. Je vraagt beleefd om langzamere herhaling.

Een eenvoudig sollicitatiegesprek in het Engels

Een sollicitatiegesprek is formeler dan een gesprek met een vriend. Spreek rustig, gebruik korte volledige zinnen en vraag om verduidelijking wanneer dat nodig is. Eenvoudig en duidelijk Engels werkt beter dan moeilijke woorden die je niet goed beheerst.
  • Thank you for inviting me today. - Dank u dat u mij vandaag heeft uitgenodigd.
  • I have experience in customer service. - Ik heb ervaring in klantenservice.
  • I enjoy working with people. - Ik werk graag met mensen.
  • I'm interested in this position because ... - Ik ben geïnteresseerd in deze functie omdat ...
  • Could you tell me more about the role? - Kunt u mij meer over de functie vertellen?
De vraag Tell me about yourself vraagt meestal om een korte professionele introductie. Noem bijvoorbeeld ervaring, een vaardigheid en waarom de functie je aanspreekt.
Interviewer: Tell me about yourself.
Jij: I have experience in customer service, and I enjoy helping people. I'm interested in this position because I like working in a team.
Dit antwoord noemt ervaring, een sterke eigenschap en een reden voor belangstelling in de functie.

Veelgemaakte fouten die je kunt vermijden

Vertaal Nederlandse zinnen niet altijd woord voor woord.
  • Niet: I have 30 years.
    Wel: I am 30 years old. - Ik ben 30 jaar oud.
  • Niet: I am agree.
    Wel: I agree. - Ik ben het ermee eens.
  • De neutrale en gebruikelijke vraag naar de tijd is: What time is it? - Hoe laat is het?
    How late is it? kan ook naar de tijd vragen, maar benadrukt vaak dat het al laat is of dat je je daar zorgen over maakt. Bijvoorbeeld: How late is it? I need to catch the last train. - Hoe laat is het al? Ik moet de laatste trein halen.
Spreek ook niet te snel. Een korte, duidelijke zin is beter dan een lange zin waarin je de draad verliest. Een pauze nemen om na te denken is heel normaal.

Oefening: kies of schrijf een passende zin

  1. Je wilt in een winkel beleefd de aandacht van een medewerker vragen. Schrijf één passende Engelse zin.
  2. Je wilt in een restaurant een tafel voor twee vragen. Schrijf de zin.
  3. Iemand spreekt te snel en je begrijpt de uitleg niet. Schrijf een beleefde reactie.
  4. Verbeter deze zin: I have 30 years.
  5. Je wilt neutraal vragen hoe laat het is. Welke Engelse vraag gebruik je?
  6. Geef een korte reactie op Tell me about yourself in een sollicitatiegesprek. Noem ervaring en iets wat je graag doet.

Antwoorden

  1. Excuse me, could you help me, please?
  2. A table for two, please.
  3. I'm sorry, I don't understand. Could you speak more slowly, please?
  4. I am 30 years old.
  5. What time is it?
  6. I have experience in customer service, and I enjoy helping people.

Onthoud deze eenvoudige volgorde

Een gesprek in het Engels hoeft niet perfect te zijn. Begin met een begroeting, geef een korte reactie, stel een eenvoudige vervolgvraag en vraag om herhaling als je iets mist. Met deze stappen kun je al deelnemen aan veel dagelijkse Engelse gesprekken, van een bestelling in een café tot een eerste gesprek op je werk.